Dwergschnauzers

De dwergschnauzer

De Schnauzer is een oud ras. Het is de originele herdershond van het Oostenrijkse Tirol. Schilderijen en wandtapijten die teruggaan tot 1492 tonen honden die lijken op de moderne Schnauzers.

De Schnauzer is ook vaak als standbeeld afgebeeld, zoals bijv. in Mecklenburg, Duitsland. Dit is een beeld van 1620.

‘Schnauzer’ was de naam van de eerste draadharige pinscher (de eerdere benaming voor het ras) die prijzen won toen hij voor het eerst tentoon werd gesteld in Hannover in 1879.

Omdat hij met de herders wilde werken en het huis wilde beschermen, kozen de reizende kooplieden van de 15de en 16de eeuw de Schnauzer om hun wagens met lading te beschermen bij het reizen van dorp naar dorp.

Deze honden mochten niet teveel plaats innemen bovenop de wagens, dus mochten ze niet te groot zijn. Maar ze moesten wel fel genoeg zijn om mogelijke dieven af te schrikken.

De Dwergschnauzer. Een heel pittig hondje dat absoluut niet als klein hondje wil worden behandeld. Het ras werd oorspronkelijk ontwikkeld om op ongedierte te jagen en deed efficiënt zijn plicht. De Dwergschnauzer is ook een uitstekende waakhond, dus laat je door zijn formaat niet misleiden

Verzorging

Karakter, eigenschappen en temperament

De Schnauzer is levendig, alert en altijd geïnteresseerd en betrokken bij zijn omgeving. Ze zijn heel nieuwsgierig en intelligent, ze worden ook wel de hond met het brein van een mens genoemd. De typische kenmerken:
1. TROUW & TOEGEWIJD – de Schnauzer is een eenmansvriend, maar ze houden van hun gezin. Ze verdragen veel van kinderen en doen graag aan hun spelletjes mee.

  1. MOEILIJK BOOS TE KRIJGEN – de Schnauzer is van nature geen agressieve hond.
  2. VERDEDIGT SNEL – als hij volwassen is, ontwikkelt de Schnauzer territoriuminstinct. Daardoor is het een ideale waakhond. Ze verdedigen hun grondgebied luid blaffend, maar niet met hun tanden.
  3. MOET NIETS VAN VREEMDEN HEBBEN – de Schnauzer houdt afstand en is gereserveerd, is alleen toegewijd aan eigen volk. Je kunt de Schnauzer beter op het bezoek laten afgaan, dan het bezoek naar de Schnauzer laten komen.

 De Schnauzer is een verzorgd ras, dat wil zeggen dat ze regelmatig gestript of geknipt en getrimd moeten worden. Ze hebben een dubbele vacht, dat wil zeggen dat ze een zachte ondervacht hebben en een harde draadharige bovenvacht. Dit beschermt ze tegen de regen en houdt ze schoon.

De tentoonstellingsSchnauzer – het verzorgen en in vorm houden van een tentoonstellingshond houdt nooit op en neemt veel tijd. Om de harde vacht in stand te houden wordt de dode vacht minstens twee keer per jaar verwijderd van het lichaam om een nieuwe vacht te laten groeien voor de tentoonstelling. Aangezien de Schnauzer niet zelf verhaart, zien ze er al snel niet meer mooi uit als de dode vacht bruin en levenloos afvalt. Ze moeten regelmatig geborsteld en gekamd worden om de vacht schoon en klitvrij te houden. De kop trimmen is een geduldwerkje en je moet het leren om het goed te kunnen.

De huisdierSchnauzer – moet ook regelmatig geborsteld en gekamd worden zodat er geen klitten komen in haar en baard. De meeste fokkers bevelen toch drie vier keer per jaar trimmen en knippen aan om hun mooie en unieke uiterlijk te behouden. De snuit van de Schnauzer is een uniek kenmerk van het ras.